Blog 28.08.2018

Droogte en veiligheid

Het ouderwets Nederlandse weer is inmiddels weer teruggekeerd. We kunnen weer genieten van regelmatige plensbuien en een relatief groene omgeving. Maar wat hebben de droge weken gedaan met ons waterland? Moeten we ons zorgen maken over het doorbreken van dijken? Is deze droogte de nieuwe werkelijkheid? In dit kader stelden we 5 vragen aan Max Eijer, eigenaar van IDZRD buro voor waterveiligheid en omgeving.

Hoe uniek was de droogte de afgelopen weken?

Droogte is van alle tijden. Maar wat de afgelopen weken uniek maakt is de periode: 1976 was de laatste keer dat het zo lang droog was. Volgens mij is dit een voorbode voor het nieuwe klimaat. We zijn aanbeland in de periode waar we het jarenlang over hebben.

Wat betekent dat voor onze veiligheid?

De gevaren van droogte zijn velerlei. We krijgen te maken met té droge veendijken met scheuren als gevolg.  Denk aan Wilnis zo’n 15 jaar geleden, deze dijk schoof gewoon weg. De massa van zand, klei of veen zorgt voor de stabiliteit, maar het is het gras dat een dijk op zijn plek houdt. En het gras heeft het zwaar te verduren met geen water en hoge temperaturen; zeker de zuiddijken zijn na zo’n periode helemaal vergeeld. Daarom zijn de waterschappen de dijken aan het nalopen, zowel onze regionale keringen als de primaire. Is het gras dood of heeft het zich slechts tijdelijk terug getrokken? De dijk moet namelijk in het aankomend najaar weer gesteld staan voor het keren van hoogwater.

Hoe staan we er voor op dit moment?

Een verschil met 15 jaar geleden is dat we risico’s op falen van dijken veel beter inzichtelijk hebben. Het risico is daarbij natuurlijk nooit 0, maar we proberen de kans dat het optreedt zo klein mogelijk te maken. Zeker omdat de gevolgen achter de dijk vele malen groter zijn dan 50 jaar geleden. Van de calamiteiten in het verleden hebben we geleerd. Wat er voorafgaand gebeurt aan een overstroming hebben we goed in de vingers. Door te kijken naar het geïnvesteerd vermogen achter de dijken, het potentiële milieu en de economische schade weten we dat we nog voor een opgave staan. Een groot deel van de rivierdijken in Nederland zijn daarom de aankomende jaren aan de beurt voor een versteviging. In 2050 zijn alle dijken weer op het juiste niveau.

Met het inzetten van een drone wil Waterschap Drents Overijsselse Delta in beeld brengen wat de droogteperiode doet met de dijken. Bron foto: Salland Centraal

Dus we hoeven ons geen zorgen te maken?

Dat zou ik niet willen zeggen. Want naast de kans op overstromingen hebben we ook te maken met extremere hitte en wateroverlast: hevige regen kan voor gevaar en overlast zorgen. Neem nou een ziekenhuis; als de aan- of afvoerwegen lager liggen dan het maaiveld, of de noodstroomvoorziening in de kelder zit dan zorgt dat voor levensbedreigende situaties. Zeker tijdens extreme buien van enkele uren. En die gaan we meer krijgen in de toekomst. Kwetsbare groepen zijn moeilijk, of zelfs onmogelijk te evacueren. Ook al houdt je het grote water vanuit de rivieren prima op z’n plek, via de achterdeur loopt het water dan gewoon naar binnen.

Is de situatie nog wel houdbaar in Nederland?

In het verhogen en verbreden van onze primaire dijken zitten we zo’n beetje aan onze max. Tot 2050 gaat het nog wel maar wat doen we daarna? Nog een keer verhogen en verbreden? Ik vraag het mij af. We moeten dus tegelijkertijd kijken naar de gevolgen achter de dijken. Ga zelf maar eens na: eigenlijk is het verbazingwekkend dat we als land nog steeds huizen bouwen op de laagste punten. Hoe slim is dat met de wetenschap van nu? Maar het is veel breder dan dat. Er gaan momenteel miljoenen euro’s naar natuurontwikkeling, maar met de verwachte klimaatverandering kan het zo zijn dat deze natuur moeilijk in leven te houden is. We investeren nu tonnen in het behoud van dieren maar is deze fauna wel te handhaven in 2100?

We zijn bezig met klimaatadaptatie en klimaatmitigatie. Mitigatie moeten we blijven doen, vandaar dat we als Nederland ook flink inzetten op vermindering op het gebruik van fossiele brandstoffen en steeds meer duurzame energie opwekken en gebruiken. Maar dit zorgt niet direct voor grote verandering in het klimaat op korte termijn. Adaptatie is daarom minstens zo belangrijk, vandaar dat we onze dijken richting 2050 verbeteren.

Klimaatverandering is allang ingezet en lastig te keren. Zeker als je weet dat grote groepen mensen de aankomende jaren meer welvaart krijgen. Zo gaan Chinezen eerder meer dan minder vliegen met alle gevolgen voor het klimaat van dien. Nederland als kwetsbare delta moet dus adaptatief gaan handelen waar we ook fors op inzetten met het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie. Dus naast het “adapatatieplan dijken” is dit iets wat we in alle stedelijke én ontwikkelingen in het landelijk gebied moeten toepassen. Overal waar we in Nederland een schep in de grond zetten wateroverlast, droogte en hitte afwegen. Daar begint het mee.

Delen

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on Twitter

Gerelateerd